Ongeloof, geloofwaardig zijn en het stiekem dansen

Rubens Ik heb stiekem met je gedanst…Gisterenavond was er weer een Corona persconferentie gevuld met de laatste ontwikkelingen, visie en beleid. Door de persconferentie heen dwarrelden niet alleen het dansen vanwege de nog steeds gesloten nachtclubs en discotheken, maar was er ook nog de geloofwaardigheid van een minister die als bruidegom het kennelijk niet zo nauw nam met ‘onze’ regels van afstand.

Ik heb stiekem met je gedanst. Ik hoop dat je het leuk vond. Eenmaal in je hoofd gaat dat jaren tachtig liedje er voorlopig niet meer uit. Datzelfde gaat trouwens ook op voor ongeloof en geloofwaardigheid. Het laatste is rap aan verval toe in heftige tijden omdat er doodeenvoudig (nog)geen vaccin voor bestaat.

Reizend door de kunst op YouTube kwamen er gisteren beelden, gemaakt door Peter Paul Rubens (1577-1640), voorbij. Symboliek, groot formaat, vertellingen, landschappen, portretten. Lichamen van vlees en bloed met rondingen die zo aards zijn geschilderd dat geloofwaardigheid niet onderhevig is aan enige kritiek. Lust, wellust en liefde in heldere kleuren die je stiekem kunnen laten verlangen naar meer en meer en meer.

Ik heb stiekem met je gedanst, of zelfs anders. Uitgeteld ligt Samson/ Simson daar in een compositie om van te smullen, zijn hand op het rood dat zo des Rubens is. Ondertussen knipt een kapper zijn haar, na verraad vanwege aangeboden en stiekem aangenomen zilverstukken. Wat een drama!

Een slak, de snelheid en een goddelijke blauwdruk

Slak. Mart van Zwam De kleine slak verdween net zo snel als dat ie was gekomen. Niet op z’n elf en dertigste maar gewoon op z’n slaks. De goddelijke blauwdruk was helder. In de slak, de snelheid en het gedragen huis. Ik zwaaide nog maar even en wenste hem of haar een veilig heenkomen in het leven dat er zo jungle achtig kan uitzien. Even later was de goedgewassen en in groeve stukken gesneden paksoi waar de slak eerder van proefde en at in de pan verdwenen.

Vliegtuigstrepen in de lucht. Weliswaar minder dan voorheen, maar toch. Net als een slijmerig spoor van een slak of een lint aan wielrenners door de bergen een spoor van beweging. De Tour de France is uiteindelijk van start gegaan en dat zullen we weten ook. Ik zag toeschouwers op afstand, de meesten van hen gewapend met een mondkapje om het ronddwalende en al reizend virus tegen te gaan. Niets is meer wat het was, ook en zelfs de Tour niet.

De slak heb ik niet meer gezien. Op snelheid verdwenen. Misschien opgeslokt door een vogel of ander dier, wellicht snel het hazenpad gekozen over de grindtegels van het terras. Misschien de hoop opgegeven die net zo onderhevig is als de geloofwaardigheid van een pas getrouwde minister.

Maandag. De laatste dag van augustus in het bewogen jaar 2020. Ik zal vandaag de ogen eens goed de kost geven naar meer goddelijke blauwdrukken.

Adagio, Adagietto en het aanzwellen van positieve energie

Mart van Zwam In Arnhem, uitgerekend mijn geboortestad, werd een stille tocht gehouden. Een aantal steden verderop in het land is er nog steeds een zoektocht naar een verloren jongeman. In weer een andere stad zwaaien jongeren met messen alsof dat bij de dagelijkse realiteit is gaan horen. Wie deze dagen en op andere dagen het nieuws enigszins volgt beleefd weinig tot nul positieve impulsen.

Gelukkig is er op deze zondagochtend Bach. Violen klinken zoals violen klinken. Benamingen als Air en Adagio duiden, zachtjes heen en weer wiegen op ontstane snelheid zorgt voor innerlijke rust. Als tegenwicht voor al het boze, dat is mooi.

Hoe anders was de positieve impuls op de zaterdagavond. Ademloos vanwege lachstuipen zag en hoorde ik Theo Maassen op het toneel de televisie tot zich nemen en omvormen tot een spiegel van situaties, opvattingen en vooroordelen. Vandaag ben ik me nog bewuster van mijn huidskleur in al haar verschillende tinten. Relativering in ontspanning. Ff lucht.

De Air van Bach word opgevolgd door Adagietto, Symphony No.5 in C Sharp van Gustav Mahler. Aanzwellen is niet alleen een mooi woord maar ook toepasbare energie voor inspiratie.

Het is zondag, de wereld draait gewoon door.

Groen, groener en de pakhuizen van de hebberigheid

Mart van Zwam Langzaam raakt het in de achtertuin overvol. De pompoen slingert zich door de kleine boom met appels. Op een andere plek kronkelt zich een andere sliert dwars door de tuin om me elke dag te verrassen met nieuwe bloemen en het begin van pompoenen in de maak.

Nederland moet veel groener las ik vanochtend dwars door het nieuws heen. Overal zie je de behoefte dat het groener moet maar dat sterke belangen en krachten andere kleuren en tinten oproepen. Grijs en donker voeren de boventoon.  De kleur van asfalt is heilig in verband met file’s en de druk op snel vooruit en vrijheid, kleuren van pakhuizen van onze hebberigheid zie je terug aan het begin van welhaast elke stad. Deze pakhuizen noemen we ook wel distributiecentra.

Her en der is de stroom in mijn bescheiden moestuin niet te stoppen, dat heb je zo met natuurlijke groei. Ik heb nog enige controle maar daar blijft het dan ook bij. Dat is het mooie ervan; het maakt een mens bewust dat controle zo haar beperkingen heeft.

Tussen al die bladeren en bloemen kun je je op de vierkante meter, terwijl het een beetje regent, zo in een Braziliaans regenwoud wanen. Dat is het mooie van zo’n tuin. Het vertrekt de fantasie, wakkert behoefte aan en levert kunstzinnige inspiratie. Tegelijkertijd roept het allerlei aardse kleuren op die strelen terwijl de menselijke groei doorgaat.

De rivier, de beleving en het vlakke land

De Waal Voorbijvarende binnenschippers zorgden voor zachte deining aan boord van het gastvrije schip waar ik in goed gezelschap aan witte wijn nipte en een Caesar salade  smaakvol verorberde. Het schip, van oorsprong Hongaars en varend op de Donau maar nu omgetoverd tot horeca gelegenheid, zorgde voor vakantiegevoel, stemming en het intense verlangen naar verre oorden.

Nederland is vlak, dat is een open deur. Een kajuitdeur in dit geval. Via alle ramen waren groen, bruin en andere natuurlijke kleurrijke tinten als lijnen in het landschap. Ver in de verte aan de overkant van de rivier met de mooie naam Waal reden enkele auto’s over de dijk. Van A naar B en misschien weer terug. Zekerheid is er niet in dit leven en dat is misschien maar goed ook. Dat levert inspiratie en verrassende ontdekkingen op.

Voorbijvarende binnenschippers zorgden voor nieuwe en zacht aangevoerde deining en verplaatsten ondertussen goederen van A naar B. Een schip met nieuwe glanzende auto’s, een ander met gevaarlijke stoffen, zeecontainers met geïmporteerde spullen waarvan ik oprecht hoop dat het iets met duurzaam te maken zal hebben. Ik las namen van exotische landen en verre oorden als poëzie van de binnenvaart, als aanvullende saus voor de Caesar salade.

Nederland is vlak, met hier en daar een puist in het landschap. Wolken aan de horizon, strelend licht voor wie wil. Een land gevuld met mensen. Ieder met hun eigen bedoening, bedoeling en uitgestippeld pad om te gaan. Dat maakt Nederland als een uitgestrekt landschap dat uitnodigt. Alsmaar, alsmaar weer.

Beelden, een tafereel en het reisgedrag van een vrije geest

Mart van Zwam In de laatste minuten van de schemering keek ik nog eens goed de tuin rond. Het bood een tafereel van groei met de bijbehorende energie. Aangeleverd en per dag centimeters groeiend.

Tafereel. Ik hou van mooie woorden. Gelukkig was er vanochtend weer een geschreven en geplaatste stukje van mijn favoriete columnist: Sheila Sitalsing (De Volkskrant). Voor heel even was het verschrikkelijke nieuws vergeten van zeven(!) kogels in een rug of het beeld van een heersende(!) president met een geweer in de hand. Beelden kunnen mooi zijn, zelfs leuk of grappig, maar ook zo intens op het netvlies brandend dat er intern beschadigingen kunnen ontstaan.

Langzaam dwaalden mijn gedachten door de tuin, waarnemend wat waargenomen kan worden. In alle vrijheid, met alle ruimte die er zo mogelijk kan zijn. Zachtjes koppelden gedachten zich aan gevoel, zoals een bemande raket zich aan wachtende ruimtestation koppelt. Ergens was er de drang om te reizen (zie tekst van gisteren…) ook al is dat nu op slechts enkele vierkante meters. Het voordeel van dat soort reisgedrag is het volgende: een paspoort is niet nodig, een virus check overbodig. Van een quarantaine is geen sprake en de kleur oranje of rood blijven gewoon oranje of rood no matter what!

De rondzingende muziek gaf ondertussen haar eigen taferelen ten beste. Voorgeschoteld als een driegangenmenu, als een beeldhouwer die in een steen ziet wat kan en juist niet kan, een schilder die kleuren helder ziet, als een vrije geest in de materie van alledag.

Beelden, energie en de reis naar een ver land (1)

Langzaam groeide het idee als een op zich zelf staand energieveld: een verre reis maken. Om andere landschappen te ervaren. Dorps, stads, in de natuur, een samensmelting van beelden. Langzaam groeide de behoefte om dit deel van deze mij oh zo vertrouwde wereld los te laten. Ook omdat loslaten beschikbare en noodzakelijke ruimte creëert.

Maar wanneer begint de reis? Als deze periode van voorzichtig zijn en afstand houden vanwege Covid-19 voorbij is? Wanneer je incheckt en enige tijd later kunt instappen? Wanneer de vliegtuigmotoren brullen en suizen? Wanneer je je koffer pakt? Volgens mij begint reizen ver, ver daarvoor.

Ergens waren er ooit zaadjes gepland. In gedachten hoor ik nog Anneke Grönloh’s stem schallen door de volkswijk. Brandend zand en Soerabaja waren in mijn kindertijd een enorme hit en liedjes om mee te zingen ver voordat Karaoke haar intrede zou doen. Een ander zaadje was de film/musical ‘The King and I’ met de werkelijk onvergetelijke Yul Brynner als de Kong van Siam (nu Thailand). Verder in de tijd is een andere piek in de frequentie van prikkels: het aanschouwen van Paul Gauguin’s schilderijen die hij maakte van Polynesische vrouwen in hun landschap. Kleuren raakten zoals kleuren doen. Vorm, tijd, ruimte zijn een optelsom die het leven zo boeiend construeren.

Op reis dus. Naar een ver land, nieuwe beelden en intense indrukken en een nieuwe geliefde die me zal onthalen zoals beloofd: met een glimlach en een kus.

Verbeeldingskracht, energie en het vakantiegevoel (14)

Mart van Zwam Langzaam zakte het warme verdwijnende licht achter de volgende rij huizen, de boomtoppen en schoorstenen achterlatend in het zwart van het beeld. Licht maakte plaats voor donker en zo zal het altijd blijven en gaan. Niets verstoord eeuwige natuurwetten.

We naderen het einde van augustus. Rustig en met gepaste tred en de nodige afstand in verband met het heersende virus. Nieuws reist wat af, zorgt voor de nodige onrust en alsmaar korter wordende lontjes. Tenminste daar lijkt het sterk op. Belagers belagen. Ook op het Binnenhof en aan de rand ervan. De beelden van de politici die heftig toe- en aangesproken werden door een ophitsende en/of opgehitste meute waren op z’n zachts gezegd niet fraai.

Ergens las ik iets over kruidnootjes in winkels, ergens iets over Zwarte Piet. Op een andere plek ging het over slavernij, discriminatie en ongelijkheid. Via Twitter las ik een bericht, met een geplaatste foto, over een allerlaatst etentje van drie volwassen kinderen en hun vader. Er was een melding dat de desbetreffende en op de foto zichtbare vader overmorgen euthanasie zou krijgen. Ik vroeg me bij het lezen en kijken af wat mensen op dit moment in de tijd werkelijk bezield.

Terug naar het zonlicht. Het licht dat een ander deel van de wereld zou gaan beschijnen. Ons in het donker achterlatend terwijl, virus of niet, de mens hevig verward lijkt.