De poëzie, een Boeddha en het intense geluk

Mart van Zwam Dance me to your beauty with a burning violin. Plotseling was daar Leonard Cohen. Uit het niets. Veelzeggend. Zich alsmaar herhalend zonder bewust opgeroepen te zijn.

Oh poëzie. Wat doet dat met een mens? En geluk? Een gelukzalig gevoel? En de mate van (intens)gelukkig voelend? Gisteren ging een nieuwsitem over het gevoel van gelukkig zijn. Het ging vooral om de uitslag en de cijfers. Nederland schijnt toch bij de top vijf van de wereld te horen. Voor wat het waard is. Wat is (van)waarde? En hoe meet je dat?

Een korte wandeling langs en door de straten, plus zin in ijs en met name een Magnum Classic, wat qua smaak en uitstraling al een genot en geluk hebben is, leverde onder andere een (rustgevend)beeld van Boeddha op. De goedkope print op canvas, bestand tegen weer en wind, aan de muur op een balkon leverde wat het wel op moest leveren. Een glimlach, een gedachte en een opgetrokken wenkbrauw.

Ergens anders zag ik een aantal versteende voortuinen. Arme insecten en ander (on?)gedierte. Geen plek om eens lekker in rond te struinen, iets te eten te zoeken en vinden. Geen plek om van bloem naar bloem te vliegen. Versteende tuinen hebben vaak een onderlaag van strak, geen zin en de meest voorkomende: geen tijd!

We both know that it’s not fashionable to love me. Plotseling was daar Lana del Rey. Zomaar. Uit het niets. Als een sirene uit een doosje. Van een duveltje was geen sprake. Zeer zeker niet.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *