Tuimelen, een stervende zwaan en het kunstgras

8F76D201-AC26-442F-B88E-D0F4913BC846Ik ben allergisch voor kunstgras. Oftewel nepgras. Dat is er een beter woord voor. Laat de kunst alsjeblieft de kunst. Nu blijkt datzelfde nepgras volgens deskundig onderzoek niet schadelijk te zijn voor de gezondheid maar wel belastend voor het milieu. Ooit zag ik in het voorbijgaan een man met een stofzuiger zijn kunstgras, buiten en gelegen in de voortuin, stofzuigen. Hilarisch.

Ben dus allergisch voor nepgras. Gelukkig levert hetzelfde gras af en toe een best aardige foto op, zie bijgevoegd beeld. Er is sprake van compositie, vlakverdeling, contrast. En niet vergeten de vorm  en de lijnen. Een feest voor de toe- en beschouwer.

Ondertussen is het WK-voetbal in volle gang. Zijn de rode duivels aan uitschakeling ontsnapt. Net als Engeland gisteren. Een aantal grote sterren en smaakmakers zijn weggevallen, complete elftallen naar huis gestuurd. 

Het tuimelen gaat maar door. Tot ongenoegen en verbazing. Sommige spelers maken er een dramatisch ogende sterfscène van. Iets met een stervende zwaan als hoofdrolspeler. Een zwaai met een arm die het gezicht raakt, een lichte aanraking door een been of voet resulteert met de regelmaat van de klok in aandacht vragen voor de (vermeende)overtreding en het eventueel aansmeren van een gele of zelfs rode kaart voor de dader. Scheidsrechters staan onder druk, er is extra controle vanwege de enorme hoeveelheid aan beschikbaar beeldmateriaal, protesten van de getorpedeerde voetballer klinken in de volle stadions als een aria die Puccini, mits nog in leven, gecreëerd zou kunnen hebben. 

Misschien kun je het extreem ogend tuimelen koppelen aan de tijd van nu. Aan de enorme luxe en welvaart die we kennen. Misschien is het te koppelen aan de enorme hoeveelheid aan beeldmateriaal dat je op armen, benen en ook de nek en hals ziet. Tatoeages zijn gemeengoed geworden, net als een goedgekapte kop.

Maar het blijft een leuk spel. Gelukkig wel. Nepgras of niet.

 

Klankschaalworkshop, een spel en het schuren van de kunst

74C06127-ED96-4957-BDD0-34526619BABBTerwijl het bericht van het overlijden, heengaan, van Armando nog na leeft in de wereld van de kunsten maken we ons op voor de day after. 

“Quit morning”. Het zal het bij mij wel niet worden, maar bij het Kröller Müller Museum binnenkort zeker wel. Het bericht via social-media dat je je kunt opgeven voor een heuse klankschaalworkshop deed me denken aan het onlangs gelanceerde Escape Game in het Rijksmuseum. Musea moeten tegenwoordig niet alleen alle zeilen bijzetten maar kennelijk ook transformeren tot leuk, leuker en het allerleukst. Alsof een museum, gedwongen of niet, zich moet scharen onder de vele tripjes en uitjes die we allemaal wel kennen.

Amsterdam. De stad die zichzelf niet meer lijkt te zijn maar bezet is door de vele Airbnb’s en de horden toeristen. De stad waar men ooit de Jordaan kon beleven. Waar in kroegen het onvervalste Jordanees klonk, bier rook als bier en de rook van tabak je tegemoet kon komen als smaakmaker en uiting van het ruwe en rauwe leven. Het is bijna verdwenen. Verdreven door de zucht naar geld en de verslavende honger naar meer en alsmaar meer.

Misschien is het tijd voor iets nieuws. Of in ieder geval iets anders. Tijd voor kunst dat schuurt en peurt in het diepst der diepten. Je niet alleen entertaint of gewoon lekker bezighoudt maar je behoorlijk van je stokje laat gaan. Kunst dat zo vreselijk de moeite waard is dat je nog dagenlang voelt alsof de wereld niet meer hetzelfde is. Misschien is het tijd voor een opstand. Een revolutie. Een kaartenhuis dat instort. Misschien is het tijd voor het smelten van het plastic, de ontelbare Barbie’s en de vele Ken’s. Tijd voor de essentie en de eraan gekoppelde zingeving.

81 zelfdodingen waren er vorig jaar onder de jongeren. Tegenover 48 een jaar eerder. Deze cijfers in het bericht van deze ochtend waren niet alleen rauw maar zorgen ook voor vraagtekens en onrust.

 

 

Armando, de beelden en de kunst als een wapperende vlag

5A941AA2-B227-43F7-B36F-1D2B6C412AEAEr is een veelzijdig en enorm getalenteerde kunstenaar doodgegaan. 

Ik las nog even het laatste nieuws vlak voor het slapen gaan. Het hart stond even stil, klopte daarna zachtjes om even later weer zijn oorspronkelijk ritme te hervatten. Armando is niet meer. Weg. En samen met hem verdween voor even het licht. Het licht op de zaak, de wereld, al het gedoe en gekrakeel. Herinneringen dreven boven, momenten van oh en ah koppelden zich aan de diepte die hij ons schonk.

Ik hoopte te dromen over een wiel, een ladder, een wapperende vlag. Hoopte klanken te horen van zigeunermuziek maar niets van dat. In plaats daarvan verschenen er beelden van een verlaten winkel en uitgewiste sporen. Zeker dromen hebben zo hun eigen mysterieuze en vaak onverklaarbare diepgang gekoppeld aan een min of meer hoopvolle zienswijze of werkelijk inzicht. 

Juist in deze periode van wereldse onrust, het groeiende populisme dat als een kankergezwel doorgroeit is er behoefte aan een kunstenaar als Armando. In beeld, tekst, theater of gedicht zou hij zomaar de vinger op een zere plek kunnen leggen of inzicht geven in een nogal grotesk gapende wond. Met zijn muziek zou hij de droevenis kunnen laten schitteren als een ster in het verlaten zonlicht.

Hoge muren en dichtgetimmerde grenzen. Kapot geschoten dromen. Geluk en (on)haalbare (levens)verwachtingen. Opvangkampen en en uiteengereten gezinnen. Deportatie en zoekgeraakte drenkelingen. Verdwenen in de golven. Kopje onder in de stroom. 

Armando ging heen. 88 is ie geworden. Vandaag is het de dag van de zigeunermuziek. Omdat het niet anders kan. Omdat het zo moet zijn. Omdat iedereen ooit volgens afspraak gaat. Wapperend als een vlag in het licht. 

Zwerfafval, de alsmaar groeiende honger en de stille opruimers

C1C7CAA7-6263-4037-A44C-DAAB895C1E16De lange en ondanks de bijna tropische warmte verfrissende wandeling leverde gisteren in ieder geval ook een paar alleraardigste foto’s op. Een achteloos weggeworpen of achtergelaten plastic fles ingeklemd door twee schaduwen was die van een stilleven met daaraan gekoppeld het toch wel trieste tijdsbeeld van nu.

Bij de Shell die ik passeerde was het druk. Logisch. Het was zaterdag. Weekend. De tijd van eropuit, even de boel de boel laten of op weg om een typisch voor de zaterdag klusje te doen. Een verhuurde aanhanger werd ter plekke aangekoppeld, de banden nog even voorzien van wat extra lucht, wellicht de olie nagekeken door middel van de peilstok, het licht gecontroleerd.

Langs de kant van de weg, daar waar de windrichting ervoor zorgt dat het zwerfafval bij elkaar komt lag van alles. Van een uit een auto gesmeten papieren tas compleet met fast food restanten tot aan diverse lege blikjes. Ik zag zelfs in het voorbij gaan een uitgetrokken en achtergelaten panty, plus iets wat leek op het restant van een ballon. Maar voor het zelfde geld was het iets anders.

Op het fietspad, voor de wandelaar ontbrak alle ruimte, passeerden me drie bakvissen die al fietsend driftig hun mobiel gebruikten. Even later gevolgd door een jonge vader die, terwijl een kleuter achterop en compleet met veiligheidshelm, ook zo nodig zijn mobiel moest checken. Ik zag de bomen nee schudden. Maar misschien was dat wel te wijten aan mijn verbeeldingskracht. 

Er kwam me een man tegemoet. Compleet met vuilniszak en zo’n handige grijper waardoor je niet alsmaar hoeft te bukken. Gemaakt in het oosten van de wereld, vervoerd per boot. In een van die ontelbare gekleurde containers die dagelijks van A naar B reizen om onze alsmaar groeiende honger te stillen. De man was een van die stille opruimers die je steeds vaker in het openbaar ziet. Het zijn zij die de boel proberen in de hand te houden. Te beheersen. Een goedemiddag werd gevolgd door een glimlach. Ik kon me verderop wel voor mijn kop slaan dat ik het ‘dank je wel’ was vergeten. 

De stille opruimers. Je hoort ze niet, ze zijn er wel. En gelukkig groeien ze in aantal. Alvast bedankt.

 

 

De droogte, het vliegen en een verdwaalde bij

2CB494F5-5118-44DB-81F1-A6AFAF05A23DHet is droog: pas op voor brand, niet sproeien en niet in bad. Het advies plus de extra waarschuwing was goed leesbaar. Na de alarmbellen op andere momenten voor extreme hoos en plensbuien is er nu ook de droogtemonitor. Op die website kun je zien waar het in Nederland het droogst is of waar extreem nat. Met verschillende kleuren is Nederland beeldend verdeelt. 

Waarschijnlijk komt er dan toch een vliegtaks. In 2021. Ooit werd er kennelijk al eerder een poging in die richting ondernomen maar deze werd al snel afgeschaft vanwege de druk uit de luchtvaartsector en het oh zo machtige Schiphol.

Zouden er straks beperkingen komen voor de media om reclame te maken voor vliegvakantie’s? Misschien allerlei gruwelijke foto’s op het vliegticket? Om je bewust te maken voor de afschuwelijke gevolgen dat het vliegen heeft? 

Zonder al te pessimistisch te zijn of zelfs maar te worden lijkt het er op dat we worden bedreigd zonder het zelf door te hebben. Alsof er een vijand op de stoep staat die we kennelijk niet hadden verwacht. Berichten over het smelten nemen we voor lief. Alarmfase voor het uitsterven van verschillende diersoorten nemen we bijna ter kennisgeving aan. Ver weg lijkt ver weg of het moet via een geheel verzorgde vliegvakantie te boeken zijn.

Waar ik me echt zorgen over maak is de enorme aanwas van de verschillende ‘influencers’ op social-media. In de community’s die allang het woord sociaal niet meer zouden mogen voeren. Die zogenaamde influencers die ons vertellen wat voor producten we moeten kopen of hoe te leven lijken sterk op de lobbyisten zoals die ook hun best doen om tabak, wapens, asfalt, medicijnen enz. enz. aan de vrouw of man (en alle andere varianten…) te brengen.

Gisteren was er in de woonkamer plotseling een bij. Vloog telkens tegen het raam omdat het arme dier geen uitweg leek te vinden. Het oogde vermoeid, lichtelijk uitgeput. Met zachte hand, die een krant vasthield, heb ik haar of hem (geen idee…) naar buiten gezet. De wijde wereld in. Dat gaf een goed gevoel. Niet alleen omdat ik een levend wezen van een gewisse dood redde maar ook vanwege de stand der bijen. 

Vlieg maar, vlieg maar. En vertel dat hulp is geboden. De aanmoediging kwam aan. Ik zag de bij in het voorbijgaan knipogen. 

Amsterdam, de eindeloze commentaren en de benoeming van Femke

FABB6384-81D8-45D4-A9AF-3AA898FCC9A8Ik weet niet wat ik zou doen. Wanneer ik net nog onder mijn bureau had gezeten en the gunman had horen herladen? Wanneer ik wist dat vijf van mijn collega’s net waren doodgeschoten? En een paar anderen lichtgewond waren geraakt? Zou ik dan gaan twitteren?

Het was echt en bedroevend realistisch. In Amerika schoot een man, die naar blijkt een lang lopend conflict met de krant had, vijf mensen dood. Kogels vlogen rond, kruitdamp zal zijn geroken, net zoals gegil gehoord. Eigenlijk, wanneer het niet zo in en in triest was, lijkt het een beetje op een scene uit de zoveelste (Amerikaanse)actiefilm.

In Amsterdam hebben ze ondertussen ook iets wat lijkt op een film. Maar dan een drama. De net voor de taak van burgemeester aangenomen Femke heeft er een hoofdrol in. Haar medespelers en speelsters (en allerlei andere geslachtsvariaties) zullen ook een rol vervullen. Ze zullen voor of tegen zijn. Misschien komen er slaande deuren, opgeworpen barricades, louche deals, onhebbelijkheden, irritaties of wat al niet meer. Figuranten (ook en veelvuldig)op Twitter te vinden, zullen op de set hun mond moeten houden want dat is de rol van de figurant. De mond houden. Ff dimmen. Geen geluid.

En actie! Geen idee wie de regisseur is. Maar ik, en ze zijn nog niet begonnen heb nu al medelijden met Femke. Komt, ik geef het eerlijk toe, dat ik een zwak voor haar heb. Zie haar graag in beeld, hoor haar graag praten. In beweging heeft met Femke altijd iets extra’s. Een x-factor onder de politici en de bestuurders. Bijna niet juist en zuiver te omschrijven, niet te pakken. Een zeldzaamheid.

Ik weet niet wat ik zou doen als ik Femke was? Ach Femke. We gaan het zien. Misschien treed ze op als Meryl Streep of laat ze iedereen in katzwijm vallen als de nieuwe Ingrid Bergman. Zal ze de stad besturen als een Marlene Dietrich uit de Jordaan. Ze (?)achtervolgen, het liefst in de nauwe straten en over de schitterende grachten als een kersverse Jane Bond. 

In ieder geval feliciteer ik haar van harte. Van harte. Waarvan akte. 

 

Moe zijn, een herriefontein en de teloorgang van de ironie

9CF43C9D-A01A-43BC-A9D2-819A6A3EB812Moe zijn. Gelukkig heb ik er zelf niet zoveel last van, maar uit de berichten die je er zo uit zou kunnen ventileren lijkt het alsof er steeds meer mensen moe zijn, worden of het zijn zonder dat ze het zelf in de gaten hebben. 

Is het de straling van de mobiele telefonie? De smartphone? De stand van de maan, het inmiddels behoorlijk aangetaste milieu of de hoeveelheid aan nare berichten? Is het de negatieve energie, zijn het de doodsverwensingen over en weer? De achteruitgang van de bijenstand, de gestroopte neushoorns en de olifanten, de enorm versteende stad? 

Gisteren hoorde ik een houtzaag. Je kent het wel. Zo’n snerpend geluid van een zaag waar je de takken van de bomen mee doorzaagt. Waar je mee topt? Bij de overburen werd gekortwiekt. In goed overleg. Maar er moest voldoende blijven om inkijk te voorkomen. Een paar straten verderop maakt men zich nog steeds enorm druk, er zijn voor- en tegenstanders, om een heuse ‘herriefontein’. Vanwege het geluid en de aandrang te moeten plassen. Een grap over gezeik ligt op de loer maar zou te gemakkelijk zijn. 

Ondertussen kreeg schrijver Tommy Wieringa er gisteren behoorlijk van langs. Door zijn opmerking richting en over de Telegraaf had hij een lont in het kruidvat gestoken, er een vuurtje bijgehouden en de zaak tot ontploffing gebracht. Een twitterende collega viel hem bij in plaats van af en had het over de teloorgang van de ironie.

Ondertussen lijkt er een nieuwe taal te zijn ontwikkeld voor de musea. Vanwege de correctheid der namen, mensen en dingen. Lijkt aanstoot nemen aan te groeien als kankergezwel of kool (kies maar…) worden tepels, voorbibsen en piemels in de media social-media afgeplakt als waren het de etalages van de eerste oer-sexshops die Nederland een tijd later zouden overspoelen. Omdat er behoefte aan was en er kennelijk iets te verdienen viel.

De vrijheid van weleer is alvast, samen met de ironie en de onschuld, aan het graven. Op het kerkhof. Ze zijn te stoppen, mits we willen. Ze zijn te stoppen. Nog wel. 

 

 

Slavernij, smakeloos en de voorbarigheid der dingen

9CF43C9D-A01A-43BC-A9D2-819A6A3EB812“Daar staan we weer.” aldus Jesse Klaver van GroenLinks. Niet dat het klonk zoals die irritante reclamestem van dat reisbureau wiens naam ik expres niet noem, maar toch. Ze stonden er weer. Het ging weer over de dividendbelasting en weer over de onduidelijkheden. 

“Voorbarig”. Dat was het woord dat bleef hangen en haar eigen leven ging leiden. Het was naar voren geschoven als een excuus. Om te redden wat kennelijk gered moest worden en de zaak mee af te doen. Je kunt het woord nergens van beschuldigen maar wel degene die het zo bezigt.

43 boeken, 30.000 pagina’s en 80.000 geregistreerde slaven. Sinds gisteren staan de Surinaamse slavenregisters online. Ik zag een vrouw op het nieuws speuren naar haar voorouders, een jonge man gaf een kreet. Het “Wow…” zei veel. Zelf voelde ik een spoor van schaamte over zoveel onrecht dat de witte mensch ooit had veroorzaakt. Een moment van innerlijke stilte was passend op zijn plek. 

“Er is altijd op een andere plaats of in een andere tijd wel iemand andermans neger”. Het waren indrukwekkende woorden. Uitgesproken door acteur Matthew McConaughey in de film Free State of Jones. Ik zag de film op Netflix. Het op ware gebeurtenissen verfilmde verhaal speelt zich af ten tijde van de Amerikaanse burgeroorlog. Toen het Zuiden zich verzette tegen het Noorden en de afschaffing van de slavernij. De film was tegelijkertijd boeiend en schrijnend, het opende ogen, liet me nadenken over en veroorzaakte een enorm gevoel van ongemak.

Voorbarig. Ik heb het maar toegevoegd aan het rijtje. Net zoals de woorden: dividend, geldzucht, slaaf en slaafs, smakeloos, leugen en liegen. Zo ontstaat er toch een soort poëzie dat je met het grootste gemak de Poëzie der Nederlandse Politiek zou kunnen noemen.