Johan Maelwael, gelovige zusters en een schitterende Piëta

IMG_4400De takken bogen flink op en neer. Herfstblaadjes lieten los. Ik zag voorbijgangers enigzins gebukt over straat gaan. Behalve die mevrouw die maar weer eens met haar geleende winkelwagentje een tray vol blikjes bier bij de Aldi haalde. Langzaam schuifelde ze mijn raam voorbij.

Verder was het best rustig in mijn buurtje. Tenslotte was het stakingsdag in het onderwijs dus dat merk je al snel. Ik vroeg me af hoeveel kinderen er op uitnodiging van, en door de reclame van, naar de diverse musea waren gegaan. Ik hoopte er maar het beste van, de tempels met al hun rijke kunstschatten hadden er verschrikkelijk hun best voor gedaan. Alweer.

Ergens in de middag, terwijl de muntthee heerlijk in de pot geurde en een tikkeltje probeerde toe te voegen, rinkelde de deurbel. Op de stoep stonden twee jonge vrouwen. Beiden met een prachtige haardos en slanke lijven. Aan de linkerkant, voor mij rechts, prijkte op de getaillerde winterjassen een opgespeld naambordje. De woorden ‘zusters’ knipperde tegemoet als neonverlichting bij een casino te Las Vegas.

Of ik gelovig was? En vooral of ik in Jezus geloofde? Ik dacht even aan de aan alcohol verslaafde mevrouw uit de buurt en aan president Trump. Dat laatste vanwege het Amerikaanse accent van de ‘zusters’ of liever gezegd ‘sisters’.

Ik miste een habijt. Ben nu eenmaal een beeldenman. Miste Whoopy Goldberg die opeens in gezang uitbarstte. Miste de ‘Flying Nun’ vanwege de rukkende windvlagen. Miste bij mij enig spoortje en vorm van geloof, alhoewel ik de verhalen uit de Bijbel nu eenmaal duivels spannend vind.

Ergens rondom het derde kopje munt kwam er een filmpje voorbij van het Rijks oftewel het Rijksmuseum. Vanaf 6 oktober tot en met 7 januari volgend jaar is er werk te zien van schilder Johan Maelwael. Nederlands van geboorte, gestorven in Frankrijk en een van de grondleggers van de Nederlandse schilderkunst. En jawel, heuse oom van onze ‘Gebroeders van Limburg’. De broers waar Nijmegen zo trots op is of schijnt te zijn!

Ergens rondom vijven wanneer de rode wijn zich opmaakt voor bezoek dacht ik nog voor een moment aan het Nijmeegse museum Het Valkhof. Aan de nog immer tegenvallende bezoekersaantallen. Aan de oude opgegraven voorwerpen in contrast met de collectie moderne kunst. Maar dat was maar voor even. Wat bleef hangen was het beeld van het museum in de armen van een moeder. Zoals Jezus in de armen lag. Op verschillende Piëta’s uitzonderlijk mooi en krachtig verbeeld.

De zusters heb ik niet meer gezien. De (af)getrainde apostelen waren waarschijnlijk verderop. Om zieltjes te winnen tijdens de herfst van de dag.